Curieus en de moeite waard. Thema’s die op een bijzondere wijze in de herinnering gebleven zijn.

Kallbach - Kurioses

Als je na 1978 geboren bent heb je met dit hier niets meer van doen

Als je als kind in de vijftiger, zestiger of zeventiger jaren leefde, is het, terugkijkend, nauwelijks te geloven dat we zo lang konden overleven. Als kind zaten we in auto’s zonder veiligheidsriemen en zonder airbags. Ons bedje was geverfd met heldere kleuren vol lood en cadmium. De flesjes uit de apotheek konden we zonder moeite openen, net zoals de flessen met bleekmiddel. Deuren en kasten waren een permanente bedreiging voor onze vingertjes. Op de fiets hadden we nooit een helm op.Wij dronken water uit de kraan en nooit uit flessen. Wij bouwden karretjes uit zeepkisten en ontdekten, terwijl we tijdens de eerste tocht de heuvel afroetsjten, dat we de rem vergeten waren. Maar daar kwamen we na enkele ongelukjes mee weg. Wij gingen ’s morgens het huis uit om te spelen en hoefden pas thuis te zijn als de straatlantaarns aangingen. Niemand wist waar we waren en we hadden niet eens een GSM bij ons. Wij hebben ons gesneden, braken botten en tanden, en niemand werd dat verweten. Het waren maar ongelukjes. Niemand was het schuld, behalve wijzelf. En niemand vroeg naar de plicht om op te letten. Kun je je nog de ongelukjes herinneren?

 

Wij vochten en sloegen elkaar vaak bont en blauw. Daar moesten we mee leven want het interesseerde de volwassenen niet. Wij aten koekjes, brood met dik de boter, dronken veel en werden desondanks niet dik. Wij dronken met onze vrienden uit een fles en niemand stierf aan de gevolgen. Wat wij niet hadden: Playstation, Nintendo 64, X – box, videospelletjes, 64 TV – kanalen, films op video, surround geluid, een eigen TV, een computer en internet – chat – rooms. Wij hadden vrienden. We gingen gewoon naar buiten en troffen ze op straat. Of we gingen gewoon naar hun huis en belden aan. Vaak hoefden we niet eens aan te bellen maar gingen gewoon naar binnen. Zonder afspraak en zonder dat onze wederzijdse ouders dat wisten. Niemand bracht ons en niemand haalde ons op …. Hoe was dat toch mogelijk?

 

We fantaseerden spelletjes met houten stokken en tennisballen. Daarnaast aten we wormen. En het voorspelde onheil bleef uit. De wormen leefden niet voor altijd verder in onze maag en met de stokken staken we elkaar niet erg veel ogen uit. Bij het straatvoetbal mocht je alleen meedoen als je goed was. Wie dat niet was moest leren met teleurstellingen om te gaan. Sommige leerlingen waren niet zo slim als andere. Ze ritselden zich door de proefwerken heen en bleven zitten. Daar kwamen geen emotionele ouderavonden van en de punten werden al helemaal niet aangepast. Onze daden hadden vaak consequenties. En niemand kon zich daarvoor verstoppen. Als iemand van ons de wet overtrad dan was het duidelijk dat je ouders je niet uit de penarie hielpen. In tegendeel. Zij dachten er hetzelfde over als de politie. Ben je helemaal ….

 

Onze generatie heeft een heleboel innovatieve probleemoplossers voortgebracht. En uitvinders die bereid zijn om risico's te dragen. Wij hadden vrijheid, tegenslag, succes en verantwoordelijkheid. Met dat alles wisten wij om te gaan.